Steden en gemeenten gebruiken een retributiereglement om kosten voor geleverde diensten te vergoeden. Uit een schriftelijke vraag in het Vlaams Parlement volgt dat in januari 2026 een provinciegouverneur een deel van een retributiereglement voor stedenbouwkundige handelingen vernietigde. Daardoor heersen er binnen het Vlaams Parlement vragen over minimumvereisten, richtbedragen en het gebruik van een retributie door gemeenten als afschrikmiddel voor het indienen van aanvragen voor een omgevingsvergunning.

Onwettig karakter

De volgende bepalingen uit het vernietigde retributiereglement waren volgens de schriftelijke vraag niet in overeenstemming met het kostendekkende karakter van een retributie:

De gouverneur oordeelt dat dergelijke tarieven uitzonderlijk hoog zijn.

Kostendekkend karakter

Minister Hilde Crevits verduidelijkt dat om te spreken over een retributie aan de volgende voorwaarden moet zijn voldaan:

  • het gaat om een dienst verricht door de overheid
  • de dienst is verricht aan een derde in diens persoonlijk belang
  • de vergoeding is redelijk in verhouding tot de kostprijs van de verleende dienst

Het reglement moet het kostendekkende karakter van het tarief niet in detail toelichten. Wel moet de motivering voor het tarief achterhaalbaar zijn. Ook moet de redelijke verhouding van het tarief tot de kostprijs van de verleende dienst aantoonbaar zijn.

Voor het bepalen van het tarief van een retributie gelden daarnaast ook de volgende criteria:

  • er mogen geen beleidsondersteunende factoren meespelen
  • een retributie mag nooit dienen als boete, sanctie of afschrikmiddel: tegenover de vergoeding moet altijd een prestatie van de overheid staan
  • een retributie kan nooit voor taken die al met andere middelen bekostigd worden of moeten worden

Aanbevelingen

Een toelichting over de principes, procedures, aanbevelingen en aandachtspunten inzake retributiereglementen staat op de website van het Agentschap Binnenlands Bestuur.

Het is ook mogelijk om na te gaan hoeveel inkomsten iedere gemeente in haar meerjarenplan 2026-2031 raamt uit verschillende categorieën van retributies via de BBC-analysetool: hier raadpleegbaar.

Om de gemeentelijke autonomie te vrijwaren, bestaan er volgens de minster geen richtbedragen. De kostprijs van eenzelfde dienst kan namelijk verschillen van gemeente tot gemeente. De redelijke verhouding van het tarief tot de kostprijs van de verleende dienst is daardoor een in concreto beoordeling.

Toezichthoudende overheid

Het komt de toezichthoudende overheid toe om, in het kader van het bestuurlijk toezicht, de retributiereglementen te toetsen aan het recht en aan het algemeen belang. Een reglement met een retributie voor ongeoorloofde doeleinden geeft dan ook aanleiding tot een vernietigingsmaatregel.

De toezichthoudende overheid is dus niet bevoegd om zich uit te spreken over de concrete toepassing van een gemeentelijk retributiereglement. Om een werkelijk opgelegde retributie te betwisten, is de vrederechter bevoegd voor bedragen tot en met 5.000 euro. Voor bedragen hoger dan 5.000 euro is dit de rechtbank van eerste aanleg.

Sommige gemeenten voorzien ook in een eigen facultatieve administratieve bezwaarprocedure. De retributieplichtige is niet verplicht om deze procedure te doorlopen en kan zich ook rechtstreeks wenden tot de bevoegde rechtbank. Ook een minnelijk overleg met het gemeentebestuur behoort tot de mogelijkheden.

Geen belasting

Een retributie is geen belasting. Zo geldt bijvoorbeeld de band met de geleverde prestatie niet voor een belasting. Al moet een belastingreglement volgens de minister ook aan bepaalde voorwaarden voldoen:

  • geen prohibitief of sanctionerend karakter
  • geen kosten doorrekenen voor taken die de gemeente verplicht vanuit de algemene middelen moet bekostigen: bijvoorbeeld voor een planopmaak
  • het reglement mag geen afbreuk doen aan het redelijkheids- en evenredigheidsbeginsel.