Elke week lichten de juridische experten van Schulinck Omgevingsrecht een interessant arrest binnen het Vlaamse omgevingsrecht toe. Deze week is dat het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 16 april 2026 (nr. A-2526-0688) over de toepassing van het verbod op afsplitsing bij een zonevreemde functiewijziging van een leegstaand landbouwbedrijf naar wonen.
Een vergunningverlenende overheid kan volgens artikel 11 Besluit Zonevreemde Functiewijzigingen een omgevingsvergunning verlenen voor het geheel of gedeeltelijk wijzigen van het gebruik van een eventueel (leegstaand) landbouwbedrijf, met als nieuw gebruik uitsluitend wonen. De bedrijfsgebouwen van het landbouwbedrijf mogen daarbij niet afgesplitst worden van de bedrijfswoning.
Al vóór de vergunningsaanvraag waren de oorspronkelijke landbouwgronden en landbouwgebouwen in deze zaak verdeeld over 2 eigenaars. Sinds 2013 zijn op de aangrenzende percelen dan ook 2 afzonderlijke landbouwbedrijven.
Het verbod op afsplitsing viseert alleen de afsplitsing die samenhangt met de aangevraagde functiewijziging naar wonen. Een voorafgaande opsplitsing van een landbouwsite, waarbij nadien 2 autonome landbouwbedrijven zijn blijven bestaan, is dus geen verboden afsplitsing in de zin van artikel 11, 2° Besluit Zonevreemde Functiewijziging. Ook al komt een landbouwbedrijf na verloop van tijd leeg te staan. De Raad benadrukt dat een gebouw zijn functie namelijk niet verliest door louter (langdurig) onbruik.
De Raad besluit in deze zaak dan ook dat er geen sprake is van een afsplitsing in de zin van artikel 11, 2° Besluit Zonevreemde Functiewijzigingen, ondanks de historische opsplitsing van het oorspronkelijke landbouwbedrijf.
Schulinck Omgevingsrecht
Meer informatie over een (leegstaand) landbouwbedrijf omvormen naar wonen vind je in Schulinck Omgevingsrecht. Nog geen abonnement? Vraag dan zeker een demo aan.