Elke week lichten de juridische experten van Schulinck Omgevingsrecht een interessant arrest binnen het Vlaamse omgevingsrecht toe. Deze week is dat het arrest van de Raad van State van 11 mei 2026 (nr. 266.621). Daarin oordeelt de Raad over de project-MER-plicht voor permanente race- en testbanen voor gemotoriseerde voertuigen.

De deputatie verleent een omgevingsvergunning voor een permanente omloop voor motorvoertuigen. De Vlaamse Regering verklaart het beroep hiertegen deels gegrond in een herstelbeslissing.

Het gaat volgens de Vlaamse Regering niet om een permanente race- en testbaan in de zin van het project-MER-besluit, maar alleen om een permanente omloop voor motorvoertuigen. Ze stelt dat volgende beperkingen in de vergunning ervoor zorgen dat het project niet onder deze categorie valt:

  • het beperken tot maximaal 9 wedstrijden per jaar
  • het verbieden van de organisatie van wedstrijden met hoogdynamische motoren in de toekomst

Project-MER bij permanente race- en testbanen

De bijlages van het project-MER-besluit bevatten volgende categorieën race- en testbanen:

  • permanente race- en testbanen voor gemotoriseerde voertuigen met een oppervlakte van 5 ha of meer (MER-plichtig, punt 22a, bijlage II oud project-MER-besluit).
  •  permanente race- en testbanen voor gemotoriseerde voertuigen (projecten die niet onder bijlage II vallen) (screeningsplichtig, punt 11a bijlage III oud project-MER-besluit)

Let op: dit arrest verwijst naar het oude project-MER-besluit, dat inmiddels opgeheven is. De redenering van de Raad van State kan evenwel naar analogie toegepast worden bij het huidige project-MER-besluit.

De Raad van State oordeelt dat een maximaal aantal toegelaten wedstrijden niet belet dat het ook gaat om een permanente race- en testbaan voor gemotoriseerde voertuigen in de zin van het project-MER-besluit.

Ze wijst erop dat de indelingslijst VLAREM II uitdrukkelijk stelt dat “permanente omlopen voor motorvoertuigen” (rubriek 32.9.3° indelingslijst VLAREM II) en “permanente test- en racebanen met een oppervlakte van 5 ha of meer” (rubriek 23.9, 4° indelingslijst VLAREM II) kunnen overlappen. Beide deelrubrieken vormen ook klasse 1 IIOA’s. De Vlaamse Regering motiveert niet waarom het hier alleen om een “permanente omloop voor motorvoertuigen” in de zin van de bijlagen van het project-MER-besluit zou gaan.