Elke week lichten de juridische experten van Schulinck Omgevingsrecht een interessant arrest binnen het Vlaamse omgevingsrecht toe. Deze week is dat het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 9 juli 2026 (nr. 2526-0934). Daarin oordeelt de Raad over de motivering bij weigering van een gemotiveerd verzoek tot verlenging van de beslissingstermijn in administratief beroep.
De aanvrager vraagt een omgevingsvergunning aan voor de ontwikkeling van een binnengebied met 20 woonentiteiten. In beroep dient de aanvrager een gemotiveerd verzoek in om de beslissingstermijn met 60 dagen te verlengen. De deputatie gaat niet in op het verzoek en weigert de vergunning in beroep. De aanvrager stelt dat de deputatie toch rekening had moeten houden met het verlengingsverzoek.
Motivering bij weigering
Artikel 66 §2/1 OVD bepaalt dat de vergunningsaanvrager een gemotiveerd verzoek kan indienen om de beslissingstermijn in beroep te verlengen. De vergunningverlenende overheid beschikt over een discretionaire beoordelingsruimte en hoeft een verzoek dus niet noodzakelijk in te willigen (Parl. St. Vl. Parl. 2014-2015, nr. 459/5, 5) .
Dat betekent volgens de Raad echter niet dat de vergunningverlenende overheid een gemotiveerd en tijdig ingediend verzoek tot termijnverlenging volledig naast zich neer mag leggen. Op grond van de Motiveringswet en het zorgvuldigheidsbeginsel moet de overheid het volledige dossier zorgvuldig onderzoeken voordat zij beslist. Op basis daarvan is dus een gemotiveerde beslissing vereist.
Schulinck Omgevingsrecht
Meer informatie over termijnverlenging in beroep vind je in Schulinck Omgevingsrecht. Nog geen abonnement? Vraag dan zeker een proefabonnement aan.