Elke week lichten de juridische experten van Schulinck Omgevingsrecht een interessant arrest binnen het Vlaamse omgevingsrecht toe. Deze week is dat het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 15 januari 2026 (nr. A-2526-0412) waarin de Raad oordeelt dat het niet toestaan van een wijzigingsverzoek geen motivering vereist.
De aanvragers van een omgevingsvergunning dienden in administratief beroep een wijzigingsverzoek in (artikel 64 OVD). De deputatie besliste om dit wijzigingsverzoek niet toe te staan zonder de aanvragers te horen.
De Raad oordeelt dat de wijzigingslus in beroep geen recht vormt van de aanvrager. De vergunningverlenende overheid mag toestaan dat de aanvrager een aanvraag in beroep wijzigt. Echter is ze daartoe niet verplicht. Ze hoeft een weigering om de wijziging toe te staan ook niet te motiveren. Volgens de bedoeling van de decreetgever vormt het wijzigingsverzoek een extra mogelijkheid om de vergunningverlening te faciliteren en te versnellen. Het gaat niet om een afdwingbaar recht (Parl. St. Vl.Parl., 2016-17, nr. 1149/1, 142-143).
De deputatie motiveerde in deze zaak toch waarom ze de wijziging niet toeliet. De Raad oordeelt dat het om overtollige motieven gaat. Ze vormen immers geen weigeringsmotieven van de oorspronkelijke aanvraag. Daarnaast kunnen ze de wettigheid van de eindbeslissing niet aantasten. Kritiek daarop kan dus niet tot vernietiging leiden.
Bij het niet toelaten van een wijzigingsverzoek geldt ook geen hoorplicht. Indien de aanvrager de aanvraag toch nog wenst te wijzigen, moet hij of zij een nieuwe aanvraag indienen.
Schulinck Omgevingsrecht
Meer informatie over het wijzigingsverzoek vind je in Schulinck Omgevingsrecht. Nog geen abonnement? Vraag dan zeker een demo aan.